Interview: Een levensecht voorbeeld van levensecht onderwijs bij Friese Poort

Afbeelding - Interview: Een levensecht voorbeeld van levensecht onderwijs bij Friese Poort

Stéfanie Herstel, communicatieadviseur van Gas 2.0, ging op een druilerige woensdagmiddag in gesprek met Martin Strampel, docent bouwkunde en SLB-er binnen het Friese Poort én coördinator van het projectonderwijs. Met een aantal mooie projecten – bijvoorbeeld in samenwerking met Heijmans – probeert hij zijn studenten zo goed mogelijk voor te bereiden op hun toekomst. En volgens hem is die voorbereiding alleen succesvol wanneer studenten ook kunnen participeren in projectonderwijs. Ook wel levensecht onderwijs genoemd. We gingen in gesprek over de energietransitie in combinatie met levensecht onderwijs. Een levensecht voorbeeld. Lees je mee?

Martin, leeft de energietransitie bij jou en je studenten?    

‘’Mijn studenten Bouwkunde weten dat de energietransitie eraan komt. Daarom is duurzaamheid een terugkerend onderwerp binnen ons projectonderwijs. De actualiteit terugbrengen. We beginnen onze lessen met nieuwtjes uit de bouwwereld. Welke ontwikkelingen zijn er gaande? Studenten weten namelijk prima wat het uiteindelijke doel is van de energietransitie en hun rol. Het waarom. Maar hoe kom je daar? Welke maatregelingen worden getroffen en in welke volgorde? Wat gebeurt er in de wereld en wat is de invloed op de student? Mijn rol is adviseren. En met de actualiteit in combinatie met het projectmatig onderwijs, kunnen we antwoorden vinden op de vragen die er nog zijn: het hoe’’.

Dat projectonderwijs steeds meer wordt omarmd door scholen, wordt me steeds duidelijker. Door Martin en natuurlijk door Gas 2.0. Tot goede projecten komen die én voldoen aan de eisen van de school én voldoen aan de eisen van het bedrijf, is nog wel eens lastig. Geeft ook Martin aan.

Wat is volgens jou goed projectonderwijs? 

‘’De combinatie tussen praktijk en theorie is essentieel in projectonderwijs. Als er onduidelijkheden zijn bij studenten, bijvoorbeeld over isolatie, dan gaan we hier in de theorielessen op in. Je moet je eigenlijk voorstellen dat tien projecturen verdeeld zijn over de lesweek. Maar daar omheen maken we klassikale bouwkundige theorielessen die ook weer te maken hebben met het project waar studenten mee bezig zijn. Zo maken we die connectie tussen praktijk en theorie en blijft het niet alleen bij tien uur voor een bedrijf iets maken en dan klaar. Nee, de studenten zijn op dat moment écht een eigen bedrijf en moeten rekening houden met alles wat daarbij komt. Dat betekent ook dat ze zich moeten verdiepen in de materie. Dat is pittig, maar daardoor leren ze wel enorm veel.’’

Volgens Martin is het ook echt belangrijk dat de projectvraag die bedrijven bij scholen neerleggen passend is. ‘’Op dit moment zijn we bezig met andere bedrijven om goede externe projectvragen te formuleren. En dat is nog wel eens lastig. Een vaak terugkomend probleem is tijd. Wij als school kunnen niet altijd voldoen aan een deadline of aan andere eisen van het bedrijf. Wij moeten de volledige aandacht richten op het leerproces. Wanneer we hier meer met bedrijven over kunnen praten, is er ook ruimte om samen betere vragen te formuleren. Daarom hebben we bij Friese Poort nu het Centrum Duurzaam. Een plek waar bedrijven ons als school kunnen vinden en ook opdrachten samen met ons kunnen samenstellen.’’

Over initiatieven gesproken, ben je bekend met Gas 2.0 en wat is jouw visie?

‘’We moeten meer met elkaar samenwerken, vooral als scholen onderling. Als er iets moet gebeuren, dan moet het nu. We hebben hier in het Noorden genoeg ruimte en mogelijkheden om samen het projectonderwijs op te pakken. We moeten die voorbeeldfunctie zijn voor de rest van Nederland: wij leiden de toekomst op. Juist een initiatief als Gas 2.0 kan misschien ook meer cross-overs bewerkstelligen. Projectonderwijs of andere nieuwe initiatieven komen er namelijk altijd wel ‘maar even bij’. Voor veel docenten is dat lastig. Daarom moeten we het docenten zo makkelijk mogelijk maken en moeten we met z’n allen de schouders eronder zetten om die samenwerkingen te realiseren.

Als Martin en ik het dan hebben over een online platform en wat zijn verwachtingen zijn antwoordt hij: ‘’toen wij ons project voor Heijmans afrondde, hebben we alle opgedane kennis en de maquettes opengesteld voor bedrijf en onderwijs. De kennis die wij zelf op hebben gedaan – als docenten en als studenten – hebben we geëvalueerd en dat nemen we weer mee in volgende projecten. Zo blijf je leren! Zo’n functie zou een online platform ook kunnen hebben. Juist als je meer cross-overs wilt!’’

Het Heijmans-project: een succesverhaal

Heijmans bracht een jaar geleden een nieuwe challenge in het leven: er moest een ontwerp komen voor een duurzaam tiny house. Studenten van Friese Poort hebben hiervoor verschillende ontwerpen gemaakt. Uiteindelijk kwamen de studenten met zulke goede ideeën, dat Heijmans de samenwerking graag voortzet. Op een woensdag in december presenteerden studenten van Friese Poort hun ontwerp voor een tiny house in hexagonvorm. Het ontwerp dat uiteindelijk wint. Even later wordt het project overgenomen door de huidige lichting studenten die voortbouwen op het idee van hun voorgangers. Tijdens die fase van de challenge stonden betaalbaarheid en opbouw centraal. De tiny house moest snel in elkaar gezet kunnen worden en demontabel zijn. Ook is het uiteraard van belang duurzame materialen te gebruiken. De klas van twaalf Bouwkunde-studenten van Friese Poort werkte als één groep – dat tijdens projecturen meer op een bedrijf leek – aan dit project. Iedereen had zijn of haar eigen taak en verantwoordelijkheden. In 2020 gaan alle betrokken docenten met elkaar om tafel om een vervolg te geven aan een project dat al sinds 2018 loopt: op naar nog meer samenwerkingen in levensecht onderwijs!

Avatar - Energy College EC
Over de auteur
Energy College EC Energy College